Elk hart telt: van een nationaal plan voor hartgezondheid tot onze Hartveilige Gemeente Lennik


Meer dan één miljoen Belgen leven met een hart- of vaatziekte. Jaarlijks overlijden ongeveer 30.000 mensen aan deze aandoeningen, goed voor bijna één op de vier sterfgevallen in ons land. Toch kunnen we met betere preventie, vroegtijdige opsporing en snelle hulpverlening heel wat leed voorkomen.

Donderdag 8 oktober nam ik in de Kamer van Volksvertegenwoordigers deel aan Every Beat Counts, een initiatief van de Belgian Alliance for Cardiovascular Health (BACH), de Belgian Society of Cardiology en de Belgische Cardiologische Liga.

Tijdens het evenement werd aandacht gevraagd voor de impact van hart- en vaatziekten en de nood aan een nationaal plan voor een betere hartgezondheid. We kregen er ook een initiatie reanimeren en leerden hoe we een AED-toestel moeten gebruiken.

Een thema dat mij bijzonder nauw aan het hart ligt. Want terwijl we op federaal niveau werken aan een betere gezondheidszorg, tonen we in Lennik hoe we ook lokaal het verschil kunnen maken. Onze gemeente mocht onlangs het label Hartveilige Gemeente ontvangen van het Rode Kruis.

Hart- en vaatziekten treffen meer dan één miljoen Belgen

De cijfers zijn bijzonder duidelijk. Meer dan één miljoen Belgen leven met hart- en vaatziekten. Elk jaar zijn deze aandoeningen verantwoordelijk voor meer dan 300.000 ziekenhuisopnames en ongeveer 30.000 overlijdens.

Dat betekent dat bijna één op de vier overlijdens in ons land te wijten is aan een hart- of vaatziekte. Bij vrouwen vormen deze aandoeningen de belangrijkste doodsoorzaak. Bij mannen komen ze op de tweede plaats, na kanker.

Ook de maatschappelijke kost is enorm: ongeveer 4,5 miljard euro per jaar. Dat komt overeen met ongeveer 8 procent van onze gezondheidsuitgaven.

De voorbije decennia is de vroegtijdige sterfte door hart- en vaatziekten gedaald, maar België blijft op bepaalde vlakken slechter scoren dan vergelijkbare Europese landen.

We mogen ons dus niet neerleggen bij deze cijfers. Door meer in te zetten op een gezonde levensstijl, preventie en vroegtijdige opsporing kunnen we heel wat gezondheidsproblemen voorkomen.

Een nationaal plan voor een betere hartgezondheid

Tijdens Every Beat Counts vroegen de betrokken organisaties aandacht voor een nationaal cardiovasculair plan. Dat is een plan waarbij de verschillende overheden samenwerken om hart- en vaatziekten beter te voorkomen en te behandelen.

De experten schuiven vijf belangrijke prioriteiten naar voren.

Ten eerste moet er een betere samenwerking komen tussen de verschillende overheden, met duidelijke afspraken over wie waarvoor verantwoordelijk is en hoe de maatregelen worden gefinancierd.

Daarnaast moeten we mensen hun hele leven lang stimuleren om gezond te leven. Denk aan voldoende bewegen, gezonde voeding en het vermijden van roken.

Ook moeten gezondheidsrisico's sneller worden opgespoord, bijvoorbeeld bij de huisarts. Zo kunnen problemen worden aangepakt voordat ze ernstige gevolgen hebben.

Verder moet preventie een vast onderdeel worden van de zorg. We mogen niet wachten tot mensen ziek worden om aandacht te besteden aan hun gezondheid.

Tot slot moeten gezondheidsgegevens beter worden gebruikt om patiënten gerichter te helpen en de zorg te verbeteren.

De internationale doelstelling om tegen 2030 het aantal vroegtijdige overlijdens door niet-overdraagbare aandoeningen met een derde te verminderen, blijft belangrijk. Maar daarvoor moeten we nu actie ondernemen.

Voor mij is preventie een essentieel onderdeel van een goede gezondheidszorg. We moeten niet alleen mensen behandelen wanneer ze ziek worden, maar ook veel meer inzetten op het voorkomen van aandoeningen.

Dat is beter voor de gezondheid van mensen en kan op langere termijn ook de druk op onze gezondheidszorg verminderen.

Vrouwen krijgen minder vaak levensreddende hulp

Tijdens het evenement stond ook reanimatie centraal. We kregen een initiatie waarbij zorgprofessionals ons leerden hoe je iemand moet reanimeren en hoe je een AED-toestel gebruikt.

Dat is bijzonder belangrijk. Wanneer iemand een hartstilstand krijgt, telt elke seconde. Hoe sneller omstanders ingrijpen, hoe groter de kans dat iemand het overleeft.

Daarbij is er een opvallend probleem: uit internationaal onderzoek blijkt dat vrouwen bij een hartstilstand minder vaak gereanimeerd worden door omstanders dan mannen.

Een grote Amerikaanse studie toonde aan dat vrouwen 14 procent minder kans hadden om reanimatie en hulp met een defibrillator te krijgen.

Onderzoekers wijzen op verschillende mogelijke verklaringen. Sommige mensen zijn bang om een vrouw te verwonden. Anderen aarzelen omdat ze haar borstkas moeten aanraken of vrezen dat dit als ongepast wordt gezien. Ook wordt een hartstilstand bij vrouwen soms minder snel herkend.

Dat mag nooit een reden zijn om niet in te grijpen.

Wanneer iemand een hartstilstand krijgt, heeft die persoon onmiddellijk hulp nodig. Het mag daarbij geen enkel verschil maken of het slachtoffer een man of een vrouw is.

Daarom is het zo belangrijk dat zoveel mogelijk mensen leren reanimeren en weten hoe ze een AED-toestel moeten gebruiken. Die kennis kan letterlijk levens redden.

Lennik is officieel een Hartveilige Gemeente

Dat belang van snelle hulpverlening trekken we ook door naar onze eigen gemeente.

Op maandag 28 september mochten we in Lennik officieel het label Hartveilige Gemeente in ontvangst nemen. Die erkenning werd toegekend door het Rode Kruis.

Het label is het resultaat van de inspanningen die we als lokaal bestuur leveren om onze gemeente hartveiliger te maken.

Zo hebben heel wat gemeentelijke medewerkers een opleiding reanimeren en defibrilleren gevolgd. Daarnaast zijn er verspreid over Lennik verschillende AED-toestellen aanwezig.

Een AED is een toestel dat bij een hartstilstand het hartritme analyseert en, wanneer nodig, een elektrische schok kan geven. Het toestel begeleidt de gebruiker met duidelijke instructies.

In Lennik zijn er onder meer publieke AED-toestellen aan sporthal Jo Baetens, de kantine van KFC Lennik en verschillende scholen. Daarnaast zijn er ook toestellen aanwezig bij private organisaties en bedrijven.

Zo willen we ervoor zorgen dat er op verschillende plaatsen in onze gemeente levensreddende hulp beschikbaar is.

Ook onze jeugd en verenigingen leren eerste hulp

Maar alleen AED-toestellen plaatsen is niet voldoende. Mensen moeten ook weten wat ze moeten doen wanneer iemand dringend hulp nodig heeft.

Daarom besteden we in Lennik ook aandacht aan opleidingen voor onze jeugd en verenigingen.

Via de Fuifcoach-opleiding, die verplicht is voor organisatoren van evenementen in onze gemeente, maken we eerste hulp tot een onderdeel van de voorbereiding.

Dat is belangrijk. Onze verenigingen organiseren heel wat activiteiten en evenementen waar veel mensen samenkomen. Op zulke momenten moet je weten hoe je moet reageren wanneer iemand onwel wordt of dringend medische hulp nodig heeft.

Door onze jeugd en verenigingen die kennis mee te geven, zorgen we ervoor dat meer mensen weten hoe ze eerste hulp kunnen bieden.

Want een hartveilige gemeente is niet alleen een gemeente met voldoende AED-toestellen. Het is ook een gemeente waar mensen weten hoe ze moeten handelen wanneer elke seconde telt.

Van het federale parlement naar onze gemeente

Voor mij tonen deze twee initiatieven hoe belangrijk het is om gezondheidsbeleid op verschillende niveaus met elkaar te verbinden.

In de Kamer bespreken we hoe we hart- en vaatziekten beter kunnen voorkomen, hoe we mensen sneller kunnen helpen en hoe we onze gezondheidszorg toekomstbestendig maken.

In Lennik vertalen we die aandacht naar concrete maatregelen: opleidingen voor medewerkers, eerste hulp voor onze jeugd en verenigingen, AED-toestellen op verschillende locaties en meer aandacht voor reanimatie.

Want een goede gezondheidszorg begint niet pas in het ziekenhuis. Ze begint ook bij preventie, bij mensen die weten hoe ze moeten helpen en bij een omgeving waar levensreddende hulp beschikbaar is.

Ik ben dan ook bijzonder trots dat Lennik het label Hartveilige Gemeente heeft behaald. Het is een mooie erkenning voor de inzet van onze medewerkers en iedereen die zich hiervoor heeft ingezet.

Het evenement in de Kamer heeft nogmaals duidelijk gemaakt hoeveel werk er op nationaal niveau voor ons ligt. Maar tegelijk mogen we ook trots zijn op de stappen die we lokaal al zetten.

Of het nu in de Kamer in Brussel is of bij ons in Lennik: elk hart telt. En iedereen verdient de beste kans om geholpen te worden wanneer elke seconde telt.

WhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.46.jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.46 (1).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (7).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (8).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (6).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (5).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (4).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (3).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (2).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45 (1).jpegWhatsApp Image 2026-10-09 at 09.55.45.jpeg

Meest Recente Posts

Blijf of de hoogte!

Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief

blog

In de kijker

Brusselse werkzoekenden kiezen zelf of ze job aanvaarden in Vlaams-Brabant: dit moet veranderen!
Technische dienst Lennik verhuist naar gebouw van De Watergroep in Eizeringen
Lennik verbruikt 36% minder gas door energiebesparende maatregelen

contact

Hoe kan ik je helpen?

Heb je vragen, opmerkingen of suggesties? Contacteer mij gerust.