Deze week werd in de Kamer de nieuwe kaderwet van minister Frank Vandenbroucke goedgekeurd. Volgens de regering moet die wet onze gezondheidszorg betaalbaar houden en patiënten beter beschermen.
Maar achter die hervorming schuilt volgens mij een fundamenteel andere visie op zorg.
Want deze wet gaat niet alleen over technische aanpassingen. Ze toont vooral hoe de overheid steeds meer kiest voor controle en financiële druk, in plaats van samenwerking met de mensen op het terrein.
Wat verandert er precies?
Een belangrijk onderdeel van de wet draait rond het zogenaamde conventiemodel.
Vandaag kunnen artsen en andere zorgverleners zelf kiezen of ze de officiële tarieven van de overheid volgen. Wie geconventioneerd is, houdt zich aan die tarieven. Wie dat niet doet, kan hogere tarieven vragen binnen bepaalde grenzen.
Met deze wet probeert de minister veel meer zorgverleners richting conventionering te duwen.
Op papier blijft dat een vrije keuze. Maar in werkelijkheid worden niet-geconventioneerde zorgverleners financieel steeds sterker onder druk gezet.
Zij dreigen bepaalde premies te verliezen, krijgen minder toegang tot richttarieven en ook beroepsorganisaties worden financieel geraakt wanneer onvoldoende leden conventioneren.
Waarom is dat problematisch?
Volgens mij dreigt het overlegmodel hierdoor te veranderen in een controlesysteem.
In plaats van zorgverleners te overtuigen en samen te werken, kiest de overheid steeds meer voor financiële druk en sancties.
Dat heeft ook gevolgen voor patiënten.
De regering doet alsof patiënten altijd vrij kunnen kiezen tussen geconventioneerde en niet-geconventioneerde zorgverleners. Maar in de praktijk is die keuze vaak zeer beperkt.
In sommige regio’s of specialisaties zijn er simpelweg te weinig zorgverleners beschikbaar. Mensen zijn vaak al blij dat ze ergens tijdig terechtkunnen.
Dan is het niet eerlijk om patiënten financieel mee te bestraffen.
Het debat over supplementen klopt niet
Ook het debat over supplementen wordt vandaag volgens mij verkeerd gevoerd.
Niemand verdedigt buitensporige supplementen. Maar de minister creëert wel het beeld alsof supplementen gewoon extra inkomsten zijn voor artsen.
Dat klopt niet.
Vandaag worden die middelen ook gebruikt voor:
- investeringen in technologie,
- infrastructuur,
- innovatie,
- personeel,
- en de werking van ziekenhuizen.
Als je die inkomsten beperkt zonder tegelijk de ziekenhuisfinanciering grondig te hervormen, dan creëer je nieuwe problemen elders in het systeem.
Fraude moet aangepakt worden, maar correct
De wet voorziet ook strengere sancties en meer mogelijkheden om zorgverleners te sanctioneren.
Fraude moet absoluut streng aangepakt worden. Daarover bestaat geen discussie.
Maar deze wet maakt volgens mij te weinig onderscheid tussen echte fraude en interpretatieverschillen in complexe zorgsituaties.
Zeker in sectoren zoals thuisverpleging of zorg voor personen met een handicap zijn situaties vaak veel complexer dan wat op papier lijkt.
Daarom hebben wij amendementen ingediend om die balans beter te bewaken. Maar die voorstellen werden door de meerderheid weggestemd.
Hervormen mét het werkveld
Voor mij blijft de essentie eenvoudig.
Onze gezondheidszorg heeft hervormingen nodig. Maar hervormingen zullen alleen werken als ze gedragen worden door de mensen die elke dag zorg verlenen.
Vandaag voelen veel zorgverleners zich al overwerkt, gecontroleerd en onvoldoende gewaardeerd.
Deze wet dreigt dat gevoel alleen maar te versterken.
Wij kiezen voor een gezondheidszorg die vertrekt vanuit samenwerking, vertrouwen en proportionele maatregelen. Niet voor een model waarin controle en sanctionering centraal staan.








