Het debat over euthanasie bij dementie laait opnieuw op. De voorbije weken groeide het maatschappelijke draagvlak verder, met meer dan 39.000 mensen die een petitie ondertekenden voor een aanpassing van de wet.
Ook politiek komt het onderwerp opnieuw op de voorgrond. CD&V spreekt over een “startschot” voor wetgevend werk, maar laten we duidelijk zijn: dat startschot is er al lang geweest.
Ons wetsvoorstel ligt al sinds 2024 in het parlement.
Een uitgewerkt voorstel
Het voorstel is geen theoretische oefening. Het is juridisch onderbouwd en tot stand gekomen na overleg met experten uit het werkveld, waaronder artsen, juristen en ethici.
Het vertrekt vanuit een helder principe: mensen moeten, zolang ze wilsbekwaam zijn, zelf kunnen bepalen wat er gebeurt wanneer ze die bekwaamheid verliezen.
Vandaag laat de wet dat niet toe voor mensen met dementie of andere vormen van wilsonbekwaamheid. Zij vallen tussen twee systemen in.
Dat leidt tot bijzonder moeilijke situaties, waarbij mensen vaak te vroeg moeten beslissen uit angst om later die keuze volledig te verliezen.
Risico op een lege wet
Ons voorstel wil daar een antwoord op bieden, met duidelijke voorwaarden en garanties, onder meer via een wilsverklaring en controles door onafhankelijke artsen.
Wat vandaag op tafel ligt bij de meerderheid, dreigt echter in een andere richting te gaan.
Er wordt gesproken over bijkomende verplichtingen en drempels — zoals verplichte betrokkenheid van artsen of bijkomende procedures — die het risico in zich dragen dat de wet zo complex wordt dat nog maar weinig mensen er effectief gebruik van kunnen maken.
Dat is voor mij een fundamenteel probleem. Een wet moet werkbaar zijn, niet symbolisch.
Het debat is al gevoerd
De voorbije jaren is dit dossier grondig behandeld in het parlement. Er zijn hoorzittingen geweest, adviezen ingewonnen en amendementen ingediend om het voorstel juridisch robuust te maken.
Ook veel van de experten die vandaag opnieuw gehoord worden, hebben hun standpunten al eerder toegelicht.
Blijven spreken over nieuwe startmomenten of bijkomende studiedagen dreigt vooral tot verder uitstel te leiden.
Tijd voor een beslissing
Het maatschappelijk draagvlak voor een hervorming is groot. Meer dan 80% van de bevolking staat achter een aanpassing van de wetgeving.
De vraag is dus niet of er een probleem is, of er oplossingen bestaan, of er draagvlak is.
De vraag is of we bereid zijn om te beslissen.
Voor mij is het antwoord duidelijk: dit dossier is klaar.
Laat het parlement zijn werk doen. Laat er gestemd worden.








