Ook tijdens het zomerreces werken we verder
Het parlementair zomerreces loopt stilaan op zijn einde. Volgende week is de laatste week voor de parlementaire werkzaamheden opnieuw volop van start gaan.
Ook tijdens het reces hebben we niet stilgezeten. Daarom stel ik deze week opnieuw twee concrete voorstellen voor waarmee we onze gezondheidszorg eenvoudiger, eerlijker en werkbaarder willen maken.
Deze week gaat het over twee heel concrete problemen op het terrein: hoe we verpleegkundigen in woonzorgcentra beter kunnen ondersteunen én hoe we eindelijk duidelijkheid kunnen bieden aan kinesitherapeuten en thuisverpleegkundigen die zorg verlenen in nieuwe woonvormen.
Geef verpleegkundigen in woonzorgcentra meer ademruimte
Onze woonzorgcentra kampen met een grote uitdaging. De zorgvraag neemt toe, terwijl het steeds moeilijker wordt om voldoende verpleegkundigen te vinden. Toch sluiten we vandaag een mogelijkheid uit die elders al bestaat: de inzet van bekwame helpers.
Een woonzorgcentrum (WZC) biedt ouderen een permanente woonomgeving met ondersteuning en zorg. Een rust- en verzorgingstehuis (RVT) is bedoeld voor bewoners die zwaardere en meer intensieve verzorging nodig hebben. In de praktijk bevinden RVT-bedden zich vaak binnen een woonzorgcentrum.
Net daar is voldoende verpleegkundige ondersteuning essentieel.
Een bekwame helper is iemand die onder strikte voorwaarden bepaalde verpleegkundige handelingen mag uitvoeren nadat hij of zij daarvoor de nodige opleiding of instructies heeft gekregen. Denk bijvoorbeeld aan het toedienen van bepaalde medicatie. Zo kunnen bepaalde taken veilig worden gedelegeerd, terwijl verpleegkundigen meer tijd krijgen voor complexe verpleegkundige zorg.
Vandaag kan het systeem van de bekwame helper al in andere situaties worden gebruikt, maar WZC's en RVT's zijn expliciet uitgesloten.
Daarom diende ik een wetsvoorstel in om die uitzondering te schrappen. Het gaat er niet om verpleegkundigen te vervangen of de kwaliteit van de zorg te verlagen. Integendeel. We willen hun expertise inzetten waar die het hardst nodig is en tegelijk andere medewerkers de mogelijkheid geven om binnen een duidelijk en veilig kader bepaalde taken over te nemen.
Zo maken we de zorg werkbaarder én creëren we meer tijd voor de bewoners die intensieve verpleegkundige zorg nodig hebben.
Lees hier het volledige artikel.
Nieuwe woonvormen vragen duidelijke zorgregels
Steeds meer ouderen en mensen met een handicap kiezen voor kleinschalige woonvormen, cohousing of begeleid wonen. Ze wonen zelfstandig, maar delen bijvoorbeeld een gebouw of bepaalde gemeenschappelijke ruimtes.
Onze zorgregels zijn helaas niet meegeëvolueerd.
Voor kinesitherapeuten en thuisverpleegkundigen is het daardoor soms onduidelijk of de zorg die ze daar verlenen als een prestatie "aan huis" of als een prestatie "in een voorziening" moet worden aangerekend.
Dat klinkt technisch, maar de gevolgen zijn bijzonder concreet. Zorgverleners die te goeder trouw de verkeerde code gebruikten, kregen achteraf soms duizenden euro's aan terugvorderingen. In één onderzoek ging het om 27.551 kinesitherapieprestaties en meer dan 274.000 euro aan terugvorderingen.
Daarom willen we de regels eindelijk duidelijk maken. Is een woonvorm niet officieel erkend of vergund als zorgvoorziening, dan moet de zorg er in principe als zorg aan huis worden beschouwd.
Wie te goeder trouw zorg verleent, mag niet jaren later de rekening krijgen voor onduidelijke regelgeving van de overheid.









